ECLI:NL:RBSGR:2008:BC4382
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergrijpboete en heffingsrente wegens niet aangegeven kapitaalverzekeringuitkering
Eiser sloot in 1999 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule af, die in 2002 afliep en werd afgekocht, waarbij hij een uitkering van €11.142 ontving. Deze uitkering gaf hij niet aan in zijn belastingaangifte over 2002. Verweerder legde daarop een navorderingsaanslag op met een vergrijpboete van 50% en heffingsrente.
Eiser stelde dat hij niet de intentie had de uitkering te verzwijgen en dat hij blindelings afging op de jaaropgave van de verzekeraar, die het bedrag niet vermeldde. Tevens betwistte hij de hoogte en duur van de heffingsrente. Verweerder stelde dat eiser bewust de kans aanvaardde dat te weinig belasting werd betaald, mede omdat hij tijdig was geïnformeerd over de fiscale consequenties.
De rechtbank oordeelde dat eiser voorwaardelijk opzet had, omdat hij bewust het risico nam de uitkering niet aan te geven. De opgelegde boete was passend gezien de ernst en omvang van de fout. Ook was de heffingsrente terecht en correct berekend volgens de wettelijke bepalingen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de vergrijpboete van 50% en de heffingsrente wegens het niet aangeven van de kapitaalverzekeringuitkering.