ECLI:NL:RBSGR:2008:BC5744
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring wegens ontbreken reëel zicht op uitzetting naar Palestina
Eiser, van Palestijnse nationaliteit en in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000, stelde beroep in tegen het voortduren van zijn vrijheidsontneming. De rechtbank heeft onderzocht of er voldoende perspectief is op uitzetting naar Palestina en of verweerder voldoende voortvarend handelt.
Uit het dossier blijkt dat eerdere pogingen tot uitzetting via Jordanië niet succesvol waren en dat het verkrijgen van noodzakelijke laissez-passers en toestemming van Palestijnse, Jordaanse en Israëlische autoriteiten een langdurig en complex proces is. Verweerder kon geen concrete termijn geven voor uitzetting.
De rechtbank concludeert dat geen reëel zicht op uitzetting binnen redelijke termijn bestaat, waardoor voortzetting van de bewaring niet langer gerechtvaardigd is. Het beroep wordt gegrond verklaard, de bewaring wordt opgeheven en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Bewaring wordt opgeheven wegens ontbreken reëel zicht op uitzetting binnen redelijke termijn.