ECLI:NL:RBSGR:2008:BC6274
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vreemdelingenbewaring wegens onterecht mvv-vereiste voor Turkse zelfstandige
Eiser, een Turkse zelfstandige, werd op 21 februari 2008 in bewaring gesteld wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Hij stelde dat het mvv-vereiste niet van toepassing is op Turkse zelfstandigen vanwege de standstill-bepaling in het Aanvullend Protocol bij de Associatieovereenkomst tussen de EEG en Turkije. De rechtbank verwees naar een arrest van het Hof van Justitie van 20 september 2007, waarin werd geoordeeld dat nieuwe beperkingen op de vrijheid van vestiging, zoals het mvv-vereiste, niet mogen worden ingevoerd voor Turkse zelfstandigen.
De rechtbank oordeelde dat het standpunt van de overheid, dat het mvv-vereiste van toepassing is, hoogst twijfelachtig is en dat de bewaring van eiser mogelijk in strijd is met de Associatieovereenkomst en het Aanvullend Protocol. De maatregel van bewaring werd daarom als onrechtmatig beoordeeld en de rechtbank beveelt de onmiddellijke opheffing van de bewaring.
Daarnaast kende de rechtbank een schadevergoeding toe van €935 voor 13 dagen onrechtmatige bewaring en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten van €644. De uitspraak werd gedaan door mr. F.M.D. Aardema op 5 maart 2008.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, heft de bewaring op en kent schadevergoeding toe wegens onrechtmatige bewaring.