ECLI:NL:RBSGR:2008:BC8141
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot terugwerkende bevordering adjudant-onderofficier bij defensie
Eiser, een sergeant der eerste klasse bij de Koninklijke Landmacht, diende een verzoek in om met terugwerkende kracht tot 1 augustus 2006 bevorderd te worden tot adjudant-onderofficier. Dit verzoek werd door verweerder afgewezen en die afwijzing werd gehandhaafd.
De rechtbank stelde vast dat eiser reeds in 2000 en 2004 schriftelijk was geïnformeerd over zijn functie en de daaraan verbonden waardering en rang, waarbij expliciet was vermeld dat hij tot zijn leeftijdsontslag de functie als sergeant der eerste klasse zou blijven vervullen. Tegen deze besluiten waren geen rechtsmiddelen ingesteld, waardoor deze in rechte onaantastbaar waren geworden.
Volgens de rechtbank kon het verzoek van eiser worden gekwalificeerd als een verzoek om terug te komen op eerder vaststaande besluiten. Omdat eiser geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die een heroverweging konden rechtvaardigen, was verweerder bevoegd het verzoek zonder nader onderzoek af te wijzen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder niet onredelijk had gehandeld en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot terugwerkende bevordering tot adjudant-onderofficier is ongegrond verklaard.