ECLI:NL:RBSGR:2008:BC9007
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Gorter
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsvergunning regulier wegens wezenlijk cultureel belang en gezinshereniging
Eiseres en haar dochter hebben in 1999 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier: voor eiseres als zelfstandig uitvoerend en docerend musicus, en voor haar dochter voor verblijf bij haar moeder. Na eerdere afwijzingen en een uitspraak van de rechtbank in 2006 die de beroepen gegrond verklaarde, vroeg verweerder een vierde advies aan het Ministerie van OC&W. Dit advies ging echter onvoldoende in op de door de rechtbank geherformuleerde vraag of de aanwezigheid van eiseres als docent Iraanse traditionele muziek een wezenlijk cultureel belang dient.
De rechtbank oordeelt dat het advies onvolledig is en dat een nieuw advies zinledig zou zijn, mede vanwege het gezag van gewijsde van de eerdere uitspraak en proceseconomische redenen. Tevens is vastgesteld dat eiseres de muziekgroep heeft opgericht die dankzij haar aanwezigheid kan functioneren. De rechtbank vernietigt de bestreden besluiten en draagt verweerder op om de verblijfsvergunningen met ingang van 10 januari 2003 te verlenen.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en wijst zij de Staat der Nederlanden aan als rechtspersoon voor vergoeding van griffierecht. De dochter van eiseres heeft geen belang meer bij de procedure omdat zij reeds een verblijfsvergunning voor studie bezit. De uitspraak bevestigt het belang van zorgvuldige advisering en motivering door bestuursorganen in vreemdelingenzaken.
Uitkomst: Verweerder wordt opgedragen om met ingang van 10 januari 2003 aan eiseres en haar dochter een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.