ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0604
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- C.I.H. Fockens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Koerdische dienstweigeraar wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker, een Koerdische Turkse nationaliteit, diende meerdere asielaanvragen in met het beroep op vervolging wegens politieke activiteiten en dienstweigering. Hij stelde dat de situatie in het zuidoosten van Turkije was verslechterd en dat sprake was van een binnenlands gewapend conflict, waardoor hij bescherming behoefde.
De rechtbank oordeelde dat de aangevoerde nieuwe feiten en omstandigheden, waaronder nieuwsberichten over militaire operaties van Turkije in Noord-Irak en een oproep tot militaire dienst, geen novum vormden. De eerdere besluiten waren reeds gebaseerd op een uitgebreide beoordeling, waarbij geen sprake was van ernstige gewetensbezwaren of geloofwaardige politieke vervolging.
De rechtbank concludeerde dat de situatie in Turkije niet voldeed aan de definitie van een binnenlands gewapend conflict en dat de nieuwe feiten niet konden afdoen aan de eerdere besluiten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten.