ECLI:NL:RBSGR:2008:BD4772
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring na afwijzing asielverzoek
Eiser, een Chinese asielzoeker, is na een negatief besluit in zijn asielprocedure op 19 mei 2008 in vreemdelingenbewaring gesteld. Hij betoogt dat de bewaring onrechtmatig is omdat verweerder niet heeft voldaan aan de verzwaarde motiveringsplicht die geldt voor vreemdelingen in een asielprocedure, zoals vastgelegd in het beleid A6/5.3.3.5 van de Vreemdelingencirculaire 2000.
De rechtbank overweegt dat dit beleid alleen geldt voor vreemdelingen met rechtmatig verblijf, terwijl eiser geen rechtmatig verblijf heeft omdat zijn asielverzoek is afgewezen. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd dat eiser behoort tot een risicogroep voor onttrekking aan toezicht en uitzetting, mede gelet op de groep '1-april Chinezen' die zich aan toezicht onttrekken. Hoewel eiser niet tot deze groep behoort, bevat zijn dossier voldoende zelfstandige gronden voor bewaring.
Verder is het aan eiser om mee te werken aan zijn uitzetting door documenten te verschaffen en informatie te geven over zijn identiteit. De rechtbank acht het zicht op uitzetting voldoende aanwezig, mede omdat eiser heeft verklaard zijn hukou-boekje te kunnen overleggen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en de bewaring is rechtmatig.