ECLI:NL:RBSGR:2008:BD5231
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering twijfel identiteit
Eiser, van Iraakse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door verweerder werd afgewezen op grond van twijfel aan zijn identiteit. Eerder was een asielprocedure ongegrond verklaard waarbij werd vastgesteld dat eiser valse documenten had overgelegd en onvoldoende bewijs leverde van zijn identiteit en herkomst uit Centraal-Irak.
In de nieuwe procedure voerde verweerder aan dat het categoriale beschermingsbeleid vereist dat geen twijfel bestaat over identiteit en nationaliteit, en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat zijn identiteit betrouwbaar was, mede omdat het door hem overgelegde paspoort was gebaseerd op een vals document. De rechtbank constateert echter dat het beleid onduidelijk is gemotiveerd en niet consistent wordt toegepast, wat willekeur kan veroorzaken en de belangen van vreemdelingen schaadt.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit onvoldoende is gemotiveerd in strijd met artikel 3:46 Awb Pro en vernietigt het besluit. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.