ECLI:NL:RBSGR:2008:BD6876
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering openbaarmaking correspondentie inbreukprocedure tewerkstellingsvergunning
Eiseres verzocht om afschriften van correspondentie tussen de Europese Commissie en de Nederlandse Staat inzake de herziening van de regelgeving over tewerkstellingsvergunningen. Verweerder weigerde dit op grond van artikel 10 van Pro de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), omdat openbaarmaking het belang van een goede rechtspleging zou schaden en mogelijk financiële claims zou kunnen uitlokken.
De rechtbank oordeelde dat de correspondentie onderdeel is van een lopende inbreukprocedure bij het Hof van de Europese Gemeenschappen. Openbaarmaking zou kunnen leiden tot een publieke discussie die het vertrouwelijke karakter van de procedure schaadt en het verloop ervan belemmert. Het algemene belang bij openbaarmaking weegt niet op tegen het belang van de Staat bij het voorkomen van onevenredige benadeling.
De rechtbank bevestigde dat het specifieke belang van eiseres bij openbaarmaking in procedures op grond van de Wet arbeid vreemdelingen niet relevant is voor de belangenafweging onder de Wob. Gezien jurisprudentie van het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen is vertrouwelijkheid in dergelijke procedures gerechtvaardigd.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is de weigering tot openbaarmaking gehandhaafd. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering tot openbaarmaking van de correspondentie is ongegrond verklaard.