ECLI:NL:RBSGR:2008:BD7252
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wedertoelating oud-Nederlander geboren in Nederlands-Indië
Eiser, geboren in Nederlands-Indië en voormalig Nederlands militair, vroeg om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel wedertoelating. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat eiser niet in Nederland was geboren en getogen zoals bedoeld in artikel 3.53 van het Vreemdelingenbesluit 2000.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het begrip "in Nederland" terecht uitlegde als het Europese deel van het Koninkrijk der Nederlanden, waardoor eisers geboorte in Nederlands-Indië niet voldeed aan het eerste lid van artikel 3.53. Wel had verweerder moeten motiveren of eiser op grond van het tweede lid, onder b, een verblijfsvergunning kon krijgen vanwege nauwe banden met Nederland.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met relevante feiten, zoals eisers dienst in het Nederlandse leger en zijn Nederlandse afkomst, waardoor het besluit onvoldoende was gemotiveerd. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten. Tegen dit vonnis staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wedertoelating is vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen.