ECLI:NL:RBSGR:2008:BD8775
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens onrechtmatige voortzetting vreemdelingenbewaring na rechterlijk bevel
Eiser heeft op 27 juni 2008 een rechterlijk bevel ontvangen tot onmiddellijke opheffing van zijn vreemdelingenbewaring, maar is desondanks nog drie dagen in bewaring gehouden. De rechtbank stelt vast dat deze voortzetting onrechtmatig was en dat eiser aanspraak kan maken op schadevergoeding. De hoogte van de schadevergoeding is onderwerp van geschil.
Eiser vordert vergoeding voor vier dagen onrechtmatige bewaring, terwijl verweerder slechts een standaardvergoeding voor drie dagen aanbiedt. De rechtbank overweegt dat de zwaarte van de onrechtmatige bewaring in deze situatie groter is dan bij een normale bewaring van drie dagen, omdat eiser ondanks het rechterlijk bevel niet direct werd vrijgelaten. Daarom wordt een schadevergoeding toegekend die vijftig procent hoger is dan gebruikelijk.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de Staat tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 644,-- voor beroepsmatige rechtsbijstand. De uitspraak is bindend en er staat geen gewoon rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: De rechtbank kent een schadevergoeding van € 315,-- toe wegens drie dagen onrechtmatige voortzetting van vreemdelingenbewaring en veroordeelt de Staat in proceskosten.