ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9478
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.G.J. de Heij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot zekerheidsstelling in merkenrechtelijke procedure
In deze civiele procedure vordert Container Centralen c.s. een verklaring voor recht dat [A] c.s. inbreuk maken op hun Beneluxmerken, Beneluxmodel en Europees octrooi, en onrechtmatig handelen door het gebruik van gelijkende handelsnamen en producten. Daarnaast vordert [A] c.s. in een incident zekerheidstelling voor proceskosten op grond van artikel 224 Rv Pro, stellende dat bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 224 lid 1 Rv Pro een buitenlandse eisende partij op verzoek van de wederpartij zekerheid moet stellen voor proceskosten, tenzij dit is uitgesloten door een verdrag. Artikel 17 van Pro het Haags Rechtsvorderingsverdrag bepaalt dat onderdanen van verdragsluitende staten die in die staten verblijven geen zekerheid hoeven te stellen. Container Centralen c.s. zijn gevestigd in Denemarken, Duitsland en Zwitserland, allen verdragsluitende staten, en zijn dus vrijgesteld van zekerheidstelling.
De rechtbank wijst de vordering tot zekerheidstelling af en houdt de beslissing over de proceskosten aan in afwachting van de hoofdzaak. De zaak wordt op 10 september 2008 voortgezet met de conclusie van antwoord. Het vonnis is gewezen door mr. P.G.J. de Heij en op 30 juli 2008 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vordering tot zekerheidstelling wordt afgewezen omdat de eisende partijen gevestigd zijn in verdragsluitende staten.