ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9502
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Janse van Mantgem
- H.C. Greeuw
- A.T.B. de Vries
- Rechtspraak.nl
Strijdige toepassing inkomensvereiste bij verlening verblijfsvergunning langdurig ingezetene
Eiser, een Russische onderdaan, vroeg op 3 maart 2006 een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd met de aantekening ‘EG-langdurig ingezetene’ aan. Verweerder wees dit op 3 november 2006 af wegens het niet voldoen aan het middelenvereiste, omdat eiser nog niet anderhalf jaar als zelfstandige werkzaam was. Na bezwaar en beroep stelde de rechtbank vast dat de richtlijn 2003/109/EG van toepassing was en dat de implementatie van het begrip ‘vast en regelmatig’ inkomen in het nationale recht te strikt was uitgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het vereiste dat inkomsten gedurende minimaal anderhalf jaar zijn verworven, zoals opgenomen in artikel 3.20 Vreemdelingenbesluit 2000, niet in overeenstemming is met artikel 5 van Pro de richtlijn. Dit leidt ertoe dat langdurig verblijvende onderdanen van derde landen die recent zelfstandig zijn geworden, onterecht worden uitgesloten van de status. De rechtbank stelde dat ook andere bewijsstukken zoals prognoses en arbeidsverleden kunnen aantonen dat aan het inkomensvereiste is voldaan.
Op grond hiervan werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens een te strikte uitleg van het inkomensvereiste.