ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9519
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot waarnemingstoelage voor juridische functie bij Koninklijke Marine
Eiser, een militair bij de Koninklijke Marine, werd door een blessure belemmerd in zijn officiersopleiding en vervolgens feitelijk belast met juridische werkzaamheden zonder formeel besluit tot waarneming van de hogere functie. Hij vroeg om een waarnemingstoelage voor de periode dat hij deze werkzaamheden verrichtte, maar verweerder weigerde dit omdat geen formeel besluit was genomen en eiser bij zijn ontslag in de situatie had berust.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet formeel was belast met de waarneming van de functie beleidsmedewerker juridische zaken en dat de vermelding in het personeelsinformatiesysteem geen rechtspositionele aanspraken gaf. Eiser had geen bezwaar gemaakt tegen de fictieve weigering en had bewust gekozen om niet formeel bezwaar te maken om de interne verhoudingen niet te verstoren.
De rechtbank volgde de jurisprudentie dat aanspraken tussen werkgever en militair ten tijde van ontslag moeten zijn afgehandeld en dat terugkomen op besluiten of situaties waarbij eiser berustte, terughoudend wordt getoetst. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en verweerder mocht weigeren het salarisverschil na te betalen.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en het verzoek tot betaling van de waarnemingstoelage afgewezen.