ECLI:NL:RBSGR:2008:BE9468
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning wegens onjuiste toepassing herhaalde aanvraag
Verzoekster diende op 25 september 2007 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het doel verruimde gezinshereniging bij kind. Deze aanvraag werd afgewezen door verweerder, die deze afwijzing baseerde op eerdere besluiten over een aanvraag van verzoekster uit 2005 voor een ander doel, namelijk wedertoelating.
Verzoekster maakte bezwaar tegen deze afwijzing en stelde beroep in bij de rechtbank. Zij voerde aan dat de aanvraag van 2007 niet als herhaalde aanvraag in de zin van artikel 4:6 Awb Pro kon worden beschouwd omdat het doel van de aanvraag anders was dan bij de eerdere aanvraag. De voorzieningenrechter oordeelde dat een tweede aanvraag alleen als herhaalde aanvraag kan worden aangemerkt indien het om hetzelfde doel gaat.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat in de hoofdzaak reeds werd beslist. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en de Staat der Nederlanden werd aangewezen als de partij die deze kosten moet vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met opdracht tot nieuw besluit.