ECLI:NL:RBSGR:2008:BE9741
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting vreemdelingenbewaring na negen maanden ondanks frustratie identiteitsonderzoek
Eiser is op 21 oktober 2007 in vreemdelingenbewaring gesteld. Gedurende de bewaring heeft eiser meerdere keren beroep ingesteld tegen voortzetting, welke steeds ongegrond werden verklaard. De kern van het geschil is of de voortzetting van de bewaring na negen maanden en een dag nog gerechtvaardigd is.
Eiser voert aan dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn en dat hij de medewerkingsplicht niet heeft geschonden. Verweerder stelt dat er voldoende zicht is op uitzetting en dat eiser het onderzoek naar zijn identiteit en nationaliteit bewust heeft gefrustreerd door te volharden in de Palestijnse nationaliteit, terwijl aanwijzingen bestaan dat hij uit Marokko afkomstig is.
De rechtbank stelt vast dat het onderzoek bij de Marokkaanse autoriteiten nog loopt en dat verweerder voldoende voortvarend handelt. De belangenafweging valt in het voordeel van verweerder uit omdat eiser de medewerkingsplicht heeft geschonden, waardoor het onderzoek vertraagd is. Het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat de bewaring niet onrechtmatig is opgeheven.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen de voortzetting van de vreemdelingenbewaring ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.