ECLI:NL:RBSGR:2008:BF0109
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring wegens ontbreken zicht op uitzetting naar China binnen redelijke termijn
Eiser, verblijvend op een detentieboot, werd in bewaring gesteld op grond van vreemdelingenwetgeving. Hij stelde beroep in tegen deze bewaring en verzocht om schadevergoeding vanwege onrechtmatige vrijheidsontneming.
De rechtbank onderzocht of er zicht was op uitzetting van eiser naar China binnen een redelijke termijn. Verweerder stelde dat diplomatieke inspanningen gaande waren, waaronder overleg tussen Nederlandse en Chinese autoriteiten en een gepland bezoek van de Minister-president aan China. Echter, er was nog geen concrete verandering in de houding van de Chinese autoriteiten en geen beslissing op ingediende laissez passer-aanvragen.
De rechtbank concludeerde dat het vereiste zicht op uitzetting ontbrak, waardoor de bewaring onrechtmatig was. De bewaring werd met ingang van 5 september 2008 opgeheven. Tevens werd eiser een schadevergoeding van €1.880,- toegekend voor de periode van vrijheidsontneming en werden proceskosten van €805,- aan eiser toegekend.
Uitkomst: Bewaring van eiser wordt opgeheven wegens ontbreken van zicht op uitzetting naar China binnen redelijke termijn; schadevergoeding toegekend.