ECLI:NL:RBSGR:2008:BF0150
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. de Loor-Alwin
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke uitspraak over afgifte VAR-dga en gezagsverhouding bij bondscoach KNHS
Eiser, werkzaam als bondscoach van de Nederlandse dressuurploeg voor de KNHS, verzocht om een Verklaring arbeidsrelatie directeur-grootaandeelhouder (VAR-dga) voor het jaar 2005. Verweerder gaf echter een VAR-loon af, stellende dat er sprake was van een civielrechtelijke dienstbetrekking vanwege een gezagsverhouding.
De rechtbank stelde vast dat eiser nog steeds belang had bij de procedure ondanks het verstrijken van het jaar 2005, mede omdat nog geen aanslag inkomstenbelasting was opgelegd en er mogelijk nog bedragen moesten worden uitbetaald. De rechtbank oordeelde dat de door verweerder gestelde gezagsverhouding niet aannemelijk was gemaakt, mede gelet op de grote vrijheid die eiser had bij de uitvoering van zijn werkzaamheden en het ontbreken van concrete aanwijzingen voor gezag.
Ook het argument van een fictieve dienstbetrekking werd door de rechtbank verworpen wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing. De rechtbank vernietigde daarom de uitspraak op bezwaar en wijzigde de beschikking zodat de werkzaamheden van eiser voor 2005 werden aangemerkt als werkzaamheden voor rekening en risico van zijn onderneming.
Ten slotte veroordeelde de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser en bepaalde een vergoeding van €644, alsmede de vergoeding van het griffierecht. De uitspraak werd op 29 augustus 2008 openbaar uitgesproken door rechter L. de Loor-Alwin.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de VAR voor 2005 in de door eiser gevraagde VAR-dga en veroordeelt verweerder in de proceskosten.