ECLI:NL:RBSGR:2008:BG0942
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettelijke basis voor centrumverbod en bevel tot verwijdering
Op 20 mei 2007 werd verdachte aangehouden omdat hij niet voldeed aan een vordering van politieambtenaren om het centrum van Katwijk te verlaten, gebaseerd op artikel 2.1.1.1 van de APV Katwijk en artikel 184 Sr Pro. Verdachte zou hinderlijk gedrag vertonen en niet gehoor geven aan het bevel van de politie.
Tijdens de terechtzitting op 15 april 2008 verscheen verdachte niet. Het Openbaar Ministerie vorderde een geldboete, subsidiair hechtenis. De politierechter oordeelde dat het tweede lid van artikel 2.1.1.1 APV een inbreuk op het grondrecht van vrije verplaatsing inhoudt en derhalve restrictief geïnterpreteerd moet worden. De vordering tot verwijdering uit het gehele centrum was te ruim en onbepaald geformuleerd.
Verder ontbrak een wettelijke basis voor een dergelijk 'centrumverbod' en was de vordering niet aan te merken als een bevel in de zin van artikel 184 Sr Pro. De politierechter concludeerde dat de politie niet bevoegd was het centrumverbod te vorderen en sprak verdachte vrij wegens onvoldoende wettige en overtuigende bewijzen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van een wettelijke basis voor het centrumverbod en het bevel tot verwijdering.