ECLI:NL:RBSGR:2008:BG2539
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens novum interim-measure EHRM
Verzoekster diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, nadat haar eerdere aanvraag was afgewezen omdat Griekenland verantwoordelijk werd geacht voor de asielprocedure. Verzoekster stelde dat zij niet naar Griekenland kon worden teruggestuurd vanwege het risico op onmenselijke behandeling en verwees naar een interim-measure van het EHRM van 20 juni 2008.
De rechtbank oordeelde dat deze interim-measure als nieuw feit (novum) moest worden beschouwd, omdat deze na het eerdere besluit was genomen en niet lichtvaardig door het EHRM wordt toegekend. Verzoekster gaf met aanvullende stukken inzicht in de mogelijke beweegredenen van het EHRM, en verwees naar eerdere uitspraken waarin ernstige gebreken in de Griekse asielprocedure werden vastgesteld.
De rechtbank stelde vast dat verweerder ten onrechte had geoordeeld dat er geen novum was en vernietigde het bestreden besluit. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen, en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.