ECLI:NL:RBSGR:2008:BG3428
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.A.M. Hoek
- E.F. Brinkman
- H.J.M. Smid-Verhage
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs valsheid in geschrifte en oplichting bij leningaanvragen Stichting
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een zaak waarin verdachte werd verdacht van valsheid in geschrifte, oplichting en witwassen met betrekking tot leningaanvragen en rijksgaranties voor Stichting [B]. Verdachte was bestuurslid van de stichting en had meerdere documenten ondertekend die vals of vervalst zouden zijn, waaronder leningovereenkomsten en brieven aan ministeries en banken.
Uit het onderzoek bleek dat verdachte op verzoek van zijn schoonvader, medeverdachte en accountant, bestuurslid was geworden zonder relevante opleiding en dat hij stukken ondertekende op basis van vertrouwen. Er is echter niet wettig en overtuigend vastgesteld dat verdachte wetenschap had van de valsheid van de documenten, noch dat hij voordeel had genoten van de verstrekte gelden.
De tenlastelegging was complex en uitgebreid, met meerdere documenten en perioden, maar de rechtbank oordeelde dat de dagvaarding voldoende duidelijk was. Desondanks werd verdachte vrijgesproken omdat het bewijs ontbrak dat hij opzettelijk handelde met het oogmerk wederrechtelijke bevoordeling.
De rechtbank verklaarde tevens een deel van de dagvaarding nietig vanwege innerlijke tegenstrijdigheid omtrent het begrip 'redelijkerwijs moest vermoeden'. Het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. Verdachte werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van wetenschap van valsheid en wederrechtelijk voordeel.