ECLI:NL:RBSGR:2008:BG4483
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen buitenbehandelingstelling verblijfsvergunningaanvraag wegens onvolledigheid
Verzoeker diende op 18 februari 2008 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. Verweerder stelde de aanvraag op 27 mei 2008 buiten behandeling wegens onvolledigheid, met name omdat verzoeker de leges niet persoonlijk had voldaan. Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder het beleid dat leges per kas of pin door een gevolmachtigde derde kunnen worden voldaan niet had gepubliceerd of aan verzoeker kenbaar had gemaakt. Ook was verzoeker niet geïnformeerd over deze mogelijkheid voordat de aanvraag buiten behandeling werd gesteld. Dit leidde tot een gebrek aan zorgvuldigheid in de besluitvorming.
Gezien het gewijzigde standpunt van verweerder over het persoonlijk indienen van de aanvraag en het ontbreken van een hersteltermijn voor het voldoen van de leges, concludeerde de voorzieningenrechter dat het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft. Daarom werd een voorlopige voorziening getroffen die verweerder verbiedt verzoeker uit te zetten totdat op het bezwaar is beslist.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd de Staat der Nederlanden aangewezen als de rechtspersoon die deze kosten en het griffierecht moet vergoeden.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe en verbiedt de uitzetting van verzoeker tot na beslissing op bezwaar.