ECLI:NL:RBSGR:2008:BG7397
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid mediaverbod tijdens penitentiair programma in Deventer moordzaak
Eiser, veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor moord in de Deventer moordzaak, is tijdens zijn penitentiair programma onder de voorwaarde geplaatst dat hij geen contact met de media mag hebben. Eiser vordert opheffing van dit mediaverbod omdat het zijn recht op vrijheid van meningsuiting beperkt en hem belemmert zich te verweren tegen publicaties over zijn zaak.
De rechtbank overweegt dat het mediaverbod een beperking van het recht op vrije meningsuiting inhoudt, maar dat deze beperking is gebaseerd op wettelijke bepalingen in de Penitentiaire beginselenwet en de Penitentiaire maatregel. De beperking is gericht op het belang van de resocialisatie en het voorkomen van verstoring door media-aandacht, mede gelet op de ernstige aard van de zaak en de belangen van nabestaanden.
Hoewel het verbod aanvankelijk ruim is geformuleerd, nuanceert de rechtbank dat eiser in concrete gevallen toestemming kan vragen aan de directeur van de inrichting om contact met de media te hebben. Dit verzoek moet serieus worden overwogen en kan bij zwaarwegend belang worden toegestaan, eventueel met voorwaarden. De rechtbank wijst de vordering van eiser af, maar erkent dat het mediaverbod niet in strijd is met artikel 7 Grondwet Pro of artikel 10 EVRM Pro.
Uitkomst: Het mediaverbod tijdens het penitentiair programma wordt gehandhaafd met de mogelijkheid voor eiser om in concrete gevallen toestemming te vragen voor contact met de media.