ECLI:NL:RBSGR:2008:BG8140
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K.S. Smits
- H. Gorter
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onjuiste toepassing artikel 30 Vreemdelingenwet
Eiser diende op 18 juni 2007 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke op 12 maart 2008 door verweerder werd afgewezen op grond van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder c, Vreemdelingenwet. Dit artikel stelt dat een aanvraag kan worden afgewezen indien er een eerdere aanvraag loopt waarop nog niet onherroepelijk is beslist en de vreemdeling op grond daarvan rechtmatig verblijf heeft.
Eiser stelde dat na het besluit van 2 oktober 2008, waarbij het bezwaar in de reguliere procedure ongegrond werd verklaard, geen sprake meer was van rechtmatig verblijf. De rechtbank oordeelde dat verweerder ten onrechte artikel 30 Vreemdelingenwet Pro toepaste, omdat het rechtmatig verblijf niet langer bestond na het besluit van 2 oktober 2008. De rechtbank benadrukte dat het rechtmatig verblijf niet afhankelijk is van een onherroepelijk besluit, maar van de systematiek van de Vreemdelingenwet en de schorsende werking van rechtsmiddelen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en gaf verweerder zes maanden de tijd om een nieuwe beslissing te nemen, waarbij eiser gedurende deze periode rechtmatig verblijf heeft. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van €644,-. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd, met de opdracht aan verweerder om binnen zes maanden opnieuw te beslissen.