ECLI:NL:RBSGR:2008:BH4732
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening geweigerd verblijfsvergunning EU-partner wegens verlopen paspoort
Verzoeker, een Nigeriaanse nationaliteit dragende vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsdocument als partner van een EU-burger met Letse nationaliteit. De aanvraag werd afgewezen omdat verzoeker een verlopen paspoort overlegd had. Verzoeker verbleef in vreemdelingenbewaring en kon daardoor niet tijdig een nieuw paspoort aanvragen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de eis dat een geldig paspoort al bij de indiening van de aanvraag moet worden overgelegd, moet worden opgevat als in de fase van besluitvorming. Verweerder had verzoeker een termijn van slechts één week gegeven om een geldig paspoort te overleggen, ondanks diens detentie en verzoeken om uitstel, wat niet als zorgvuldige behandeling werd beschouwd.
Verder werd geoordeeld dat verweerder onvoldoende had meegewerkt aan het vergemakkelijken van het verblijf van verzoeker als partner van een EU-burger, in strijd met de Richtlijn personenverkeer. Verzoeker had inmiddels een nieuw paspoort aangevraagd en kon dit verkrijgen zodra hij zich persoonlijk bij de ambassade meldde.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het bezwaar een redelijke kans van slagen had en verbood de uitzetting van verzoeker tot vier weken na beslissing op bezwaar. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan verzoeker toegewezen.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet tot vier weken na beslissing op bezwaar vanwege onvoldoende zorgvuldigheid bij het overleggen van een geldig paspoort.