ECLI:NL:RBSGR:2008:BH5092
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. van den Bergh
- M.P. de Valk
- G.M.G. Hink
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over AWBZ-zorg en onderwijsvoorzieningen voor kind met speciale zorgbehoefte
Eisers, ouders van een zoon met PDD-NOS, ADHD, ODD en een laag gemiddeld IQ, vroegen een AWBZ-zorgindicatie aan vanwege de noodzaak van speciaal onderwijs en begeleiding. Het Zorgkantoor weigerde een persoonsgebonden budget (PGB) voor zorg die zij bij een privéschool in België hadden ingekocht, omdat onderwijs als voorliggende voorziening werd beschouwd.
De rechtbank stelde vast dat binnen het onderwijs zorg- en begeleidingstaken kunnen voorkomen die voor rekening van de AWBZ komen. Het Zorgkantoor had echter nagelaten een inventarisatie te maken van de omvang van de AWBZ-zorg die nodig is, waardoor een objectieve en transparante besluitvorming ontbrak.
Verder oordeelde de rechtbank dat het Zorgkantoor het motiveringsbeginsel had geschonden door onvoldoende te motiveren waarom het PGB werd geweigerd. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg het Zorgkantoor op een nieuw besluit te nemen, waarbij ook de bijzondere omstandigheden van het kind en de combinatie van functies voor tijdelijk verblijf en ondersteunende begeleiding in acht moeten worden genomen.
Tot slot werd het Zorgkantoor veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eisers. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; het Zorgkantoor wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.