ECLI:NL:RBSGR:2008:BM7245
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing AOW-uitkeringen en aftrekbaarheid advocaatkosten in grenssituatie Nederland-België
In deze zaak staat centraal of de door eiser in 2005 ontvangen AOW-uitkeringen in Nederland belastbaar zijn en of bepaalde kosten als bedrijfslasten kunnen worden afgetrokken. Eiser, woonachtig in België, ontving in 2005 AOW-uitkeringen en pensioen. De Belastingdienst stelde dat deze uitkeringen belastbaar waren in Nederland, mede omdat eiser zich niet als inwoner van België had aangemeld bij de Belgische autoriteiten.
De rechtbank oordeelt dat eiser feitelijk in België woonde en op grond van het belastingverdrag tussen Nederland en België als inwoner van België moet worden aangemerkt. Hierdoor is Nederland niet bevoegd om inkomstenbelasting te heffen over de AOW-uitkeringen. Daarnaast zijn de advocaat- en deurwaarderskosten die eiser betaalde in verband met een verloren procedure niet aftrekbaar als bedrijfslasten, conform eerdere jurisprudentie.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar, vermindert de aanslag tot nihil en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat niet is gesteld dat kosten zijn gemaakt zoals bedoeld in het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de aanslag inkomstenbelasting over 2005 en vermindert deze tot nihil vanwege het belastingverdrag met België.