ECLI:NL:RBSGR:2009:BH4054
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor afpersing met nepvuurwapen tijdens winkeloverval in Zoetermeer
Op 17 september 2008 pleegde verdachte een brutale overval in een bloemenwinkel te Zoetermeer waarbij hij een nepvuurwapen gebruikte dat niet van echt te onderscheiden was. Hij richtte het wapen op de kassamedewerkster en eiste geld, waarna hij bij vertrek hetzelfde deed richting een andere aanwezige persoon. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte door bedreiging met geweld ongeveer 765 euro wist te verkrijgen, maar sprak hem vrij van diefstal met geweld wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank nam de verklaringen van de slachtoffers en de verdachte mee in haar oordeel en concludeerde dat het richten van het nepvuurwapen voldoende was om afpersing en bedreiging te bewijzen. Verdachte had een geschiedenis van strafbare feiten en kampte met verslavingsproblemen en een persoonlijkheidsstoornis, maar was volledig toerekeningsvatbaar.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en reclasseringstoezicht, mede vanwege de ernst van het feit en de maatschappelijke onrust die het veroorzaakte. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot een voorschot van 500 euro immateriële schadevergoeding aan het slachtoffer en tot betaling van een bedrag aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer. De materiële schadevergoeding werd afgewezen omdat deze niet rechtstreeks door het slachtoffer was geleden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met reclasseringstoezicht, en gedeeltelijke immateriële schadevergoeding aan slachtoffer.