ECLI:NL:RBSGR:2009:BH6956
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslag successierecht bij negatieve nalatenschap en legitieme portie
Eiseres is onterfd maar doet een beroep op haar legitieme portie na het overlijden van haar moeder in 2004. De nalatenschap heeft een negatief saldo. De erfgenamen hebben namens eiseres een aangifte successierecht gedaan. Eiseres betwist de aanslag en stelt dat de waarde van haar vordering nihil is vanwege oninbaarheid. De rechtbank stelt vast dat de aangifte bevoegdelijk is ingediend door de erfgenamen.
De rechtbank overweegt dat de legitieme portie een erfrechtelijke verkrijging is die belastbaar is volgens de Successiewet. De waarde van de vordering moet worden bepaald naar de waarde in het economische verkeer op het moment van overlijden. Eiseres slaagt er niet in aannemelijk te maken dat de waarde lager is dan de nominale waarde van € 80.936, mede omdat haar zuster als enige verhaal biedt en over onroerende zaken beschikt.
De rechtbank wijst het beroep af omdat eiseres onvoldoende bewijs levert voor haar stelling dat de vordering oninbaar is. Klachten over schending van het EVRM en algemene beginselen van behoorlijk bestuur falen. De aanslag is terecht verminderd in bezwaar, en verweerder heeft toegezegd ambtshalve te verminderen indien de civielrechtelijke procedure daartoe aanleiding geeft. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag successierecht wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft gehandhaafd.