ECLI:NL:RBSGR:2009:BH7915
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring openbaar ministerie wegens schending geheimhoudersrecht in tulpenbollenfraudezaak
Verdachte wordt verdacht van betrokkenheid bij een omvangrijke fraude op de tulpenbollenmarkt waarbij beleggers voor circa €85,2 miljoen zijn benadeeld. Tijdens het onderzoek zijn gesprekken met geheimhouders, waaronder advocaten, op grote schaal opgenomen en niet tijdig vernietigd. Ook werd vertrouwelijke informatie zoals e-mails tussen cliënt en advocaat onrechtmatig in het dossier opgenomen en aan derden verstrekt.
De rechtbank constateert dat de wettelijke regels omtrent geheimhoudersinformatie stelselmatig en langdurig zijn geschonden. Geheimhoudersgesprekken werden pas jaren na opname vernietigd, terwijl nog steeds niet alle gesprekken zijn vernietigd. Opsporingsambtenaren maakten gebruik van deze informatie bij de voorbereiding van verhoren, wat het beginsel van equality of arms schaadt.
Gezien de ernst en omvang van de schendingen concludeert de rechtbank dat het vertrouwen in de rechtsstatelijkheid en zuiverheid van de strafrechtspleging ernstig is geschaad. Dit algemene rechtsbelang weegt zwaarder dan het belang van berechting van verdachte. Daarom wordt het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de strafvervolging van verdachte.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige schending van het geheimhoudersrecht.