ECLI:NL:RBSGR:2009:BI2033
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.J. Fehmers
- C.W.M. Giesen
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking verblijfsvergunning asiel wegens onjuiste gegevens over herkomst
Eiser, een Soedanese asielzoeker, kreeg een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, die later werd ingetrokken omdat hij onjuiste gegevens zou hebben verstrekt over zijn etnische herkomst. Dit werd onderbouwd met een taalanalyse die concludeerde dat eiser niet tot de Nuba-bevolkingsgroep behoort, in tegenstelling tot zijn verklaring.
Eiser voerde aan dat hij niet correct is gehoord over nieuwe feiten, dat de taalanalyse ondeugdelijk is, en dat het besluit in strijd is met het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel. De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende gelegenheid had gekregen om te reageren op het voornemen tot intrekking en dat de nieuwe feiten zorgvuldig zijn meegedeeld.
De rechtbank stelde vast dat de taalanalyse een deugdelijk middel is en dat de door eiser ingebrachte kritieken geen concrete twijfel opriepen. Ook werd geoordeeld dat het ontbreken van kennis van de Nuba-taal en het ontbreken van bewijs voor de Nuba-afkomst zwaarwegend zijn. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.