ECLI:NL:RBSGR:2009:BI3907
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M. Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tegen executoriale verkoop woonwagen wegens onrechtmatigheid door Staat
In deze zaak vordert A sr. dat de Staat wordt verboden de woonwagen, bewoond door zijn zoon A jr., executoriaal te verkopen. De Staat had beslag gelegd op de woonwagen wegens een opgelegde ontnemingsmaatregel aan A jr. wegens drugshandel en wapenbezit.
A sr. stelt primair dat hij eigenaar is van de woonwagen, omdat hij deze zelf heeft gebouwd en gefinancierd. Subsidiair stelt hij dat de woningbouwvereniging eigenaar is door natrekking, en uiterst subsidiair beroept hij zich op rechtsverwerking door de Staat. De voorzieningenrechter oordeelt dat A sr. onvoldoende bewijs heeft geleverd voor eigendom en dat A jr. zich als eigenaar gedraagt. Bovendien is niet gebleken van een opstalrecht ten gunste van A sr.
De rechter overweegt dat de woningbouwvereniging eigenaar is van de grond en daardoor ook van de woonwagen door natrekking. Het beroep op rechtsverwerking faalt omdat A sr. al in 2007 op de hoogte was van het eigendom van de woningbouwvereniging. De vordering wordt afgewezen en A sr. wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van A sr. wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.