ECLI:NL:RBSGR:2009:BI3952
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Opheffing executoriaal beslag op woning met voorbehoud aandeel schuldeiser
Eiseres vordert opheffing van het executoriaal beslag dat gedaagden op een woning van [A] hebben gelegd, teneinde de levering van de woning mogelijk te maken. De woning is belast met meerdere hypotheken en conservatoire beslagen van verschillende schuldeisers, waaronder eiseres, gedaagden en Houweling & Kars.
Gedaagden weigeren hun medewerking aan de opheffing van het beslag omdat zij de koopsom van € 1.500.000,-- niet reëel achten en menen dat de woning meer waard is. De makelaar en de voorzieningenrechter oordelen echter dat de koopsom reëel is, mede gelet op vergelijkbare verkopen en de staat van onderhoud van de woning.
De rechtbank stelt vast dat de weigering van gedaagden de levering op 27 maart 2009 verhindert, waardoor alle schuldeisers geen betaling ontvangen en [A] een boete aan [E] verschuldigd wordt. De belangen van de schuldeisers worden afgewogen, waarbij het financiële belang van de overige schuldeisers en [A] zwaarder weegt dan dat van gedaagden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat gedaagden hun medewerking aan de opheffing van het executoriaal beslag niet redelijkerwijs hadden kunnen weigeren en wijst de vordering van eiseres toe onder de voorwaarde dat gedaagden recht hebben op een aandeel van minimaal 5,9% uit de netto-opbrengst van de verkoop. Gedaagden worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het executoriaal beslag van gedaagden wordt opgeheven onder voorwaarde van een aandeel van minimaal 5,9% uit de netto-opbrengst van de woningverkoop.