ECLI:NL:RBSGR:2009:BI4674
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering T-Mobile tegen Staat inzake BTW-plichtigheid UMTS-frequentievergunning
T-Mobile Netherlands B.V. (voorheen Orange Nederland N.V.) vorderde van de Staat terugbetaling van een bedrag aan BTW dat volgens haar was begrepen in de vergoeding voor de UMTS-frequentievergunning die zij via een veiling had verkregen. Zij stelde dat de Staat als ondernemer moest worden aangemerkt en daarom een BTW-factuur had moeten uitreiken.
De Staat voerde verweer dat hij bij de vergunningverlening handelde in zijn hoedanigheid als overheid en niet als ondernemer in de zin van de Wet op de omzetbelasting 1968. De rechtbank overwoog dat het Hof van Justitie in eerdere arresten had geoordeeld dat de toewijzing van rechten op gebruik van frequenties via een veiling door een nationale regelgevende instantie geen economische activiteit is en dus niet binnen de BTW-richtlijn valt.
De rechtbank concludeerde dat de Staat niet als ondernemer handelde bij de veiling van de UMTS-frequentievergunning en dat er daarom geen BTW verschuldigd was. De meer subsidiaire vorderingen van T-Mobile, waaronder dat de vergoeding een onwettige heffing zou zijn, konden niet worden behandeld omdat T-Mobile geen bezwaar had gemaakt tegen de bestuursrechtelijke besluiten. De vorderingen werden afgewezen en T-Mobile werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van T-Mobile af en veroordeelt haar in de proceskosten.