ECLI:NL:RBSGR:2009:BI6121
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond verklaard wegens onontvankelijkheid bezwaar tegen niet-voor-bezwaar-vatbaar besluit inkomstenbelasting
Eiser maakte bezwaar tegen de definitieve aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2005, stellende dat hij de voorlopige teruggaven en de algemene heffingskorting nooit had ontvangen. De inspecteur wees het bezwaar af en verwees naar eerdere correspondentie waarin de uitbetaling werd toegelicht.
Eiser stelde in beroep dat het ging om een vordering tegen de Belastingdienst, wat een niet-voor-bezwaar-vatbaar besluit betreft. De inspecteur had het bezwaar daarom niet ontvankelijk moeten verklaren. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar inderdaad onontvankelijk had moeten worden verklaard en dat zij in de plaats van de inspecteur moest handelen.
Ter zitting werd toegezegd dat eiser contactgegevens van de ontvanger zou ontvangen om het probleem verder te bespreken. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat geen kosten waren gesteld die voor vergoeding in aanmerking kwamen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het aanvechten van een niet-voor-bezwaar-vatbaar besluit.