ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ0818
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod overlevering aan Frankrijk wegens onherroepelijkheid arrest en garanties hernieuwde berechting
Eiser werd in Frankrijk bij verstek veroordeeld en het arrest werd op 22 maart 2005 betekend ten parkette. Eiser vordert in kort geding een verbod op zijn overlevering aan Frankrijk, stellende dat het arrest onherroepelijk is geworden omdat de verzettermijn volgens hem is verstreken. Hij beroept zich op strijd met artikel 6 en Pro het ontbreken van een garantie in artikel 12 Overleveringswet Pro.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de betekening ten parkette weliswaar een noodzakelijke voorwaarde is voor onherroepelijkheid, maar dat ook kennisneming van de betekening door eiser op de voorgeschreven wijze vereist is. De verzettermijn vangt pas aan na daadwerkelijke kennisneming, hetgeen niet is gebleken. De Franse autoriteiten hebben bovendien verzekerd dat eiser desgewenst een hernieuwd proces kan aanvragen.
De eerdere tegenstrijdige berichtgeving van de Franse procureur-generaal en het OM over de onherroepelijkheid wordt erkend, maar de latere herroeping en de officiële Franse uitleg prevaleren. De vordering tot verbod op overlevering wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot verbod op overlevering aan Frankrijk wordt afgewezen omdat het arrest niet onherroepelijk is en de garantie op hernieuwde berechting is gegeven.