ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ2316
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging weigering visum kort verblijf wegens onvoldoende motivering en hoorplichtschending
Eiseres diende een aanvraag in voor een visum kort verblijf, welke door verweerder werd geweigerd op grond van onvoldoende zekerheid over tijdige terugkeer naar het land van herkomst. Verweerder verklaarde het bezwaar kennelijk ongegrond zonder inhoudelijke motivering en zonder eiseres te horen, wat in strijd is met de hoorplicht zoals neergelegd in de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank oordeelt dat verweerder het bezwaar ten onrechte kennelijk ongegrond heeft verklaard, mede omdat verweerder zelf tijdens de bezwaarprocedure aanvullende informatie opvroeg, wat wijst op een nog niet afgerond onderzoek. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die het afzien van hoorzitting rechtvaardigen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3:2 en Pro 7:2 Awb, en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en wordt de Staat der Nederlanden aangewezen als de partij die deze kosten moet vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot weigering van het visum wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en schending van de hoorplicht.