ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ4189
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag en beroep op subsidiaire bescherming wegens onvoldoende individuele risico
Verzoeker, een Iraakse Koerd uit Kirkuk en voormalig voorzitter van een communistische Studentenunie, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hij stelde dat hij vanwege politieke bedreigingen en een aanslag op zijn leven een reëel risico liep bij terugkeer naar Irak. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens het ontbreken van authentieke documenten en onvoldoende geloofwaardigheid van het relaas.
Verzoeker overhandigde tijdens het beroep kopieën van documenten en later originele documenten en een dvd, maar de rechtbank oordeelde dat deze niet als nova konden worden toegelaten omdat ze eerder hadden kunnen worden overgelegd. De rechtbank volgde het standpunt van de staatssecretaris dat het relaas van verzoeker op belangrijke punten vaag en ongeloofwaardig was, zoals de onduidelijkheid over bedreigingen en het niet inschakelen van politie.
Ten aanzien van het beroep op subsidiaire bescherming op grond van artikel 15, aanhef en onder c, richtlijn 2004/83, oordeelde de rechtbank dat hoewel er sprake is van een binnenlands gewapend conflict in Kirkuk, verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij individueel een ernstig risico loopt. Zijn status als student en voorzitter van de Studentenunie kwalificeert hem niet als academicus of politicus in de zin van het beschermingsbeleid. Het beroep op het categoriaal beschermingsbeleid werd eveneens verworpen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening en schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag en de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard.