ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ4322
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.A. van der Straaten
- E.C. Ruinaard
- O.A.P. van der Roest
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning na beëindiging huwelijk en toetsing standstillbepaling Besluit 1/80
Eiser, een Turkse vreemdeling, diende een aanvraag in voor wijziging van zijn verblijfsvergunning van verblijf bij echtgenote naar voortgezet verblijf. Na afwijzing van deze aanvraag en het ongegrond verklaren van zijn bezwaar, stelde hij beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet voldeed aan de vereisten van artikel 3.51 van het Vreemdelingenbesluit 2000, met name de vereiste van drie achtereenvolgende jaren rechtmatig verblijf, omdat hij tussen 2002 en 2004 geen geldige vergunning had. Tevens werd geoordeeld dat de weigering geen schending van artikel 8 EVRM Pro opleverde.
Eiser voerde aan dat de regelgeving uit 1980, waaronder artikel 10 lid 2 van Pro de oude Vreemdelingenwet en artikel 47 van Pro het oude Vreemdelingenbesluit, gunstiger was en dat het huidige artikel 3.51 Vb 2000 in strijd was met de standstillbepaling van Besluit 1/80. De rechtbank verwierp dit omdat die oude regelgeving niet van toepassing was op vreemdelingen die vanwege beëindiging van hun huwelijk niet meer aan toelatingsvoorwaarden voldoen.
Ook het beroep op artikel 41 van Pro het Aanvullend Protocol faalde, omdat eiser geen zelfstandige arbeid verrichtte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot wijziging van de verblijfsvergunning wordt afgewezen.