ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ5448
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende reisdocumenten
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, gebaseerd op een asielrelaas waarin hij verklaart tweemaal ontvoerd te zijn door een islamitische groepering. De rechtbank heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld en het beroep inhoudelijk beoordeeld.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat het asielrelaas onvoldoende geloofwaardig is vanwege tegenstrijdigheden, vaagheden en bevreemdende verklaringen, zoals wisselende geboortedata en onduidelijkheid over de ontvoeringsmotieven. Tevens heeft verzoeker geen gedetailleerde of verifieerbare informatie over zijn reisroute kunnen geven, ondanks zijn verantwoordelijkheid om dit te staven.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verweerder niet verplicht is op elke stelling in de zienswijze afzonderlijk te reageren, vooral niet als deze herhalingen bevat van eerder gegeven verklaringen. Het bestreden besluit voldoet aan artikel 42, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Gezien het voorgaande wordt het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.