ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ6295
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortzetting vreemdelingenbewaring na bekendmaking vertrek
Eiseres werd op 7 juli 2009 in vreemdelingenbewaring gesteld. Op 16 juli 2009 gaf zij te kennen Nederland zelfstandig te willen verlaten en overhandigde zij een geldig paspoort, een Spaanse verblijfsvergunning en een eigen vliegticket voor vertrek op 17 juli 2009. De rechtbank oordeelt dat de bewaring op 16 juli 2009 had moeten worden opgeheven, omdat aan de voorwaarden van artikel 59, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 was voldaan.
Verweerder hield eiseres echter onrechtmatig nog één dag langer in bewaring. Hoewel de bewaring onrechtmatig was, ziet de rechtbank geen aanleiding om de kosten van het vliegticket te vergoeden, omdat er geen causaal verband is tussen het onrechtmatig handelen en de door eiseres gestelde schade.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, veroordeelt de Staat tot een vergoeding van € 80,-- voor de onrechtmatige bewaring en veroordeelt verweerder in de proceskosten van € 644,--. Eiseres had geen belang bij het toevoegen van kopieën van documenten aan het dossier.
Uitkomst: De bewaring werd onrechtmatig voortgezet na 16 juli 2009; eiseres ontvangt een vergoeding van € 80,-- en proceskosten.