ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ6598
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens onterecht gezinsvorming
Eiser, een Amerikaanse staatsburger, heeft een verblijfsvergunning aangevraagd om bij zijn Nederlandse echtgenote te verblijven. Verweerder weigerde de vergunning omdat hij uitging van gezinsvorming, waarbij een hogere inkomenseis geldt dan bij gezinshereniging. De kern van het geschil was of de gezinsband tussen eiser en zijn echtgenote al bestond op het moment dat deze nog in Nederland verbleef, en of haar hoofdverblijf naar de Verenigde Staten was verplaatst.
De rechtbank stelde vast dat de gezinsband niet reeds was ontstaan op het moment van hun ontmoeting in mei 2006 en dat de echtgenote haar hoofdverblijf wel degelijk had verplaatst naar de Verenigde Staten, ondanks dat zij zich niet had uitgeschreven uit de gemeentelijke basisadministratie. Diverse feiten zoals samenwonen, werk, ziektekostenverzekering en belastingaangifte in de VS ondersteunden dit.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zijn standpunt onvoldoende had gemotiveerd en dat het gehanteerde onderscheid tussen gezinsvorming en gezinshereniging op één moment geen recht doet aan de feitelijke situatie. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.