ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ7281
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing tussenkomst curator in civiele hoofdzaak na faillissement
In deze civiele procedure vordert mr. Kroll, handelend als curator van Gebr. A., tussenkomst in een lopende hoofdzaak waarin hij reeds curator is van twee andere failliete vennootschappen. De curator wenst zich aan te sluiten om een eigen vordering in te stellen tegen de gedaagden, wat niet kan worden bereikt door eisvermeerdering of wijziging van de bestaande vordering.
De rechtbank oordeelt dat, hoewel mr. Kroll al formeel partij is als curator van de andere vennootschappen, hij niet als materiële procespartij wordt beschouwd voor het nieuwe faillissement van Gebr. A. Hierdoor is voeging in de zin van artikel 217 Rv Pro mogelijk en wordt de vordering tot tussenkomst toegewezen.
De beslissing over de kosten van het incident wordt aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting om mr. Kroll in de gelegenheid te stellen zijn eigen vordering nader te onderbouwen en partijen de mogelijkheid te geven hierop te reageren. De rechtbank wijst tevens op de noodzaak om de gevolgen van de tussenkomst voor de eerder verstrekte bewijsopdracht te bespreken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de tussenkomst van de curator toe en verwijst de zaak naar een rolzitting voor verdere behandeling.