ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ7368
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Investeringen in caravanstallingen kwalificeren niet voor kleinschaligheidsinvesteringsaftrek
Eiseres, exploitant van een caravanstalling via haar dochtermaatschappij, voerde beroep aan tegen aanslagen vennootschapsbelasting 2004 en 2005 waarin investeringsaftrek werd gecorrigeerd door de Belastingdienst. De rechtbank stelde vast dat de caravanstallingen hoofdzakelijk worden gebruikt voor het langdurig stallen van caravans van derden, waardoor zij volgens artikel 3.45, lid 2, Wet IB 2001 zijn uitgesloten van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek.
De stelling van eiseres dat sprake zou zijn van een samenstel van diensten, waaronder werkzaamheden aan caravans, werd niet onderbouwd en onvoldoende geacht om de kwalificatie als uitgesloten bedrijfsmiddel te doorbreken. Ook de fiscale kwalificatie van de verhuur van stallingsruimte als belastbare prestatie voor de omzetbelasting deed hieraan niet af omdat de doelstellingen van de Wet op de omzetbelasting verschillen van die van de Wet IB 2001.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de aanslag 2004 ongegrond en het beroep tegen de aanslag 2005 niet-ontvankelijk omdat het niet tot vermindering van de aanslag kon leiden. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan na een zitting waarbij eiseres niet verscheen.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag 2004 is ongegrond verklaard en het beroep tegen de aanslag 2005 niet-ontvankelijk.