ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ7646
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting vreemdelingenbewaring en zicht op uitzetting Pakistaanse vreemdeling
Eiser is op 11 maart 2009 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen de voortzetting van deze maatregel en vordert opheffing en schadevergoeding. Verweerder heeft informatie verstrekt over de afgifte van laissez-passer (lp)-akkoorden door de Pakistaanse autoriteiten en de doorlooptijden daarvan.
De rechtbank overweegt dat in 2007 en 2008 meerdere lp-akkoorden zijn afgegeven, zowel met als zonder documentatie, met doorlooptijden variërend van tien dagen tot achttien maanden. Het enkele feit dat een ongedocumenteerde vreemdeling in 2008 achttien maanden op een lp wachtte, betekent niet dat dit de gemiddelde doorlooptijd is. De doorlooptijd verschilt per zaak afhankelijk van concrete aanknopingspunten.
Eiser is in juni 2009 gepresenteerd bij de Pakistaanse autoriteiten en er zijn meerdere rappels geweest door verweerder. De rechtbank acht het zicht op uitzetting reëel en vindt dat de voortzetting van de bewaring niet in strijd is met de wet en redelijk is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.