ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ8992
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortzetting bewaring wegens onvoldoende voortvarendheid bij uitzetting
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de voortzetting van zijn bewaring nadat het beroep tegen de bewaring eerder ongegrond was verklaard. De rechtbank beoordeelt of de voortzetting van de maatregel in strijd is met de Vreemdelingenwet 2000 of onredelijk is.
Eiser stelt dat verweerder onvoldoende voortvarend is geweest na de afwijzing van zijn asielaanvraag op 27 augustus 2009, waardoor zicht op uitzetting ontbreekt en een lichter middel aangewezen is. Verweerder stelt dat het verzoek om voorlopige voorziening het enige obstakel is voor uitzetting en dat hij nevenzittingsplaats Almelo heeft gevraagd dit verzoek met voorrang te behandelen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder pas op 17 september 2009, drie weken na ontvangst van het verzoek om voorlopige voorziening, Almelo in kennis stelde en niet actief rappelleren wil. Dit is onvoldoende voortvarendheid, waardoor de voortzetting van de bewaring vanaf 28 augustus 2009 onrechtmatig is. De rechtbank beveelt onmiddellijke opheffing van de bewaring en kent eiser een schadevergoeding toe van € 2.160,-- en proceskosten van € 644,--, te betalen door de griffier.
Uitkomst: De bewaring van eiser wordt onmiddellijk opgeheven wegens onvoldoende voortvarendheid bij uitzetting en eiser ontvangt een schadevergoeding van € 2.160,--.