ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ9579
Rechtbank 's-Gravenhage
- Verzet
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig beslissen COA
Opposante heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA). De rechtbank had het beroep aanvankelijk niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 8:54 Awb Pro, omdat het beroep prematuur zou zijn ingesteld.
Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring heeft opposante verzet aangetekend. De rechtbank heeft in het verzet overwogen dat er geen wettelijke beslistermijn geldt voor de aanvraag, zodat de redelijke termijn uit artikel 4:13 Awb Pro normatief is. De redelijke termijn is maximaal acht weken, maar kan korter zijn afhankelijk van de omstandigheden.
De gemachtigde van opposante heeft gemotiveerd gesteld dat in dit concrete geval binnen een kortere termijn dan acht weken een beschikking verwacht mocht worden, mede vanwege de noodzaak van snelle duidelijkheid over financiering van contra-expertise. De rechtbank volgt deze stellingname en oordeelt dat het beroep niet prematuur was ingesteld.
Daarom is het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en wordt het verzet gegrond verklaard. Het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond, met een beslissing over de kosten van de verzetprocedure.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt ontvankelijk verklaard.