ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ9580
Rechtbank 's-Gravenhage
- Verzet
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig beslissen door bestuursorgaan gegrond verklaard
Opposante stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen door het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) op een aanvraag. De rechtbank verklaarde dit beroep aanvankelijk niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Hiertegen stelde opposante verzet in, stellende dat het beroep niet prematuur was omdat binnen een kortere redelijke termijn dan de wettelijke maximale termijn van acht weken een beslissing verwacht mocht worden, mede vanwege de noodzaak tot snelle duidelijkheid over financiering van een contra-expertise.
De rechtbank overwoog dat bij het ontbreken van een wettelijke beslistermijn de redelijke termijn uit artikel 4:13 Awb Pro normatief geldt en dat de termijn van acht weken een maximum en geen minimum is. Gezien de omstandigheden en de door opposante aangevoerde argumenten werd geoordeeld dat het beroep niet prematuur was ingesteld.
Daarom werd het eerdere oordeel van niet-ontvankelijkheid onterecht geacht en het verzet gegrond verklaard. De procedure wordt voortgezet in de stand waarin zij zich bevond, met een nog te nemen beslissing over de kosten van de verzetprocedure. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt gegrond verklaard en de procedure wordt voortgezet.