ECLI:NL:RBSGR:2009:BK0176
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Huisarts niet aansprakelijk voor schade door vertraagde diagnose abces ruggenmerg
De patiënt liep een hoge dwarslaesie op na een abces bij zijn ruggenmerg dat te laat werd onderkend. Hij vorderde een voorschot op schadevergoeding van zijn huisarts wegens tekortschieten in zorgplicht. De huisarts betwistte dit en voerde aan dat hij conform professionele standaard had gehandeld en dat het causaal verband ontbrak.
Deskundigenrapporten concludeerden dat de huisarts onvoldoende onderzoek had verricht en verslaglegging onder de maat was, maar dat de klachten op 20 en 21 december 2004 onvoldoende aanleiding gaven voor spoedverwijzing. De neurochirurg stelde wel alarmsignalen vast, maar dit was niet vanzelfsprekend voor de huisarts. De discussie spitste zich toe op de vraag of de vertraging van enkele uren op 22 december 2004 relevant was voor de schade.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende was aangetoond dat bij eerdere verwijzing op die dag de diagnose eerder gesteld zou zijn, mede omdat een spoed-MRI niet waarschijnlijk was aangevraagd. De omkeringsregel voor causaal verband werd niet toegepast omdat de huisarts een algemene norm had geschonden en het specifieke gevaar niet aannemelijk was verwezenlijkt.
De vordering werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van causaal verband tussen tekortkoming en schade. De eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van eiser tegen de huisarts wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van causaal verband.