ECLI:NL:RBSGR:2009:BK3995
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.J. de Graaff
- J.J.P. Bosman
- M.M. Meijers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor doodslag na schotwond aan vriendin in woning te Den Haag
Op 24 april 2008 heeft de verdachte zijn vriendin in haar woning te Den Haag met een schot in het hart om het leven gebracht. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het slachtoffer heeft doodgeslagen met een vuurwapen, ondanks dat er geen directe getuigen waren die hem als dader aanwezen.
Het bewijs bestond uit een combinatie van getuigenverklaringen, forensisch onderzoek waaronder DNA-sporen op het slachtoffer, het wapen en de kleding, en het telecommunicatieverkeer van verdachte en zijn broer. De verdachte gaf geen redengevende verklaringen voor het verdwijnen van zijn kleding en het gebruik van verschillende mobiele telefoons die nacht. Camerabeelden toonden de verdachte in de vroege ochtend buiten, terwijl hij dit ontkende.
De rechtbank verwierp het verweer dat een onbekende derde de dader zou zijn, vanwege het ontbreken van braaksporen, het niet aanslaan van de waakse hond, en het ontbreken van DNA van derden. Ook de proceshouding van de verdachte, die weigerde mee te werken aan onderzoeken, werd meegewogen bij de strafbepaling.
De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van twaalf jaar, met aftrek van de tijd die hij in voorlopige hechtenis had doorgebracht. Tevens werden de gebruikte wapens en munitie onttrokken aan het verkeer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf voor doodslag op zijn vriendin met een schotwond.